Waarom legionellapreventie ertoe doet
Het drinkwater dat uw pand binnenkomt is veilig. Wat daarna gebeurt, is uw verantwoordelijkheid. In het leidingnet achter de watermeter kan de legionellabacterie zich onder de juiste omstandigheden in korte tijd vermeerderen tot aantallen die een gezondheidsrisico opleveren.
In Nederland worden jaarlijks enkele honderden gevallen van legionellalongontsteking gemeld. Een deel daarvan is te herleiden tot installaties in gebouwen: hotels, zorginstellingen, sportaccommodaties, zwembaden en industriële locaties. Voor de eigenaar van zo'n installatie is dat niet alleen een gezondheidskwestie, maar ook een juridische en reputatiekwestie.
De vier factoren waar het om draait
Legionellapreventie klinkt ingewikkeld, maar draait in de kern om vier factoren. Haal er één weg en het risico daalt drastisch.
- Stilstand: zorg voor doorstroming op elk tappunt
- Temperatuur: houd koud water koud en warm water warm
- Voedingsbodem: verwijder sediment en biofilm
- Blootstelling: beperk aerosolvorming waar dat kan
Wat de wet van u vraagt
De basis ligt in de Drinkwaterwet en het Drinkwaterbesluit. Daarin staat de zorgplicht: wie een collectief leidingnet bezit, moet ervoor zorgen dat het water deugdelijk is. Voor een aangewezen groep locaties, de prioritaire instellingen, is dat uitgewerkt in concrete verplichtingen.
Verplichtingen voor prioritaire instellingen
- Een legionella risicoanalyse door een BRL 6010 gecertificeerd bureau
- Een beheersplan met per risicopunt een concrete beheersmaatregel
- Aantoonbare uitvoering van dat beheersplan, vastgelegd in een logboek
- Minimaal twee keer per jaar geaccrediteerde monstername op legionella
- Maatregelen bij overschrijding en melding bij de ILT boven 1000 kve/l
Normen en richtlijnen die daarbij horen
- NEN 1006: algemene voorschriften voor leidingwaterinstallaties
- Waterwerkbladen, waaronder 1.4G voor het beheer van installaties
- BRL 6010: legionellapreventie-advisering voor collectieve installaties
- BRL-K14032: reiniging en desinfectie van leidingwaterinstallaties
- NEN 6265: monsterneming en analyse op legionella
De meest voorkomende tekortkomingen
In de installaties die wij inspecteren komen steeds dezelfde punten terug. Herkent u er één, dan is de kans groot dat er meer speelt.
- Dode leidingen die na een verbouwing zijn blijven zitten
- Koudwaterleidingen die naast of onder warmwaterleidingen liggen
- Warmwatertoestellen die op 55 graden staan in plaats van 60
- Tappunten die maandenlang niet worden gebruikt en niet worden gespoeld
- Boilers waar het sediment jarenlang niet uit is verwijderd
- Keerkleppen die nooit zijn gecontroleerd sinds de oplevering
- Een logboek dat alleen wordt bijgewerkt vlak voor de inspectie
Van analyse naar aantoonbaar beheer
Een risicoanalyse is de foto, het beheersplan is de film. De analyse laat zien hoe uw installatie er nu voor staat en waar de risico's zitten. Het beheersplan beschrijft wat er structureel moet gebeuren om die risico's beheerst te houden: welke tappunten wanneer worden gespoeld, welke temperaturen worden gemeten, wanneer de keerkleppen worden gecontroleerd en waar de monsters worden genomen.
De praktijk laat zien dat het beheersplan vaker faalt op uitvoering dan op inhoud. Een plan dat te veel vraagt van een technische dienst die het al druk heeft, wordt na een paar maanden niet meer gevolgd. Wij schrijven beheersplannen daarom bewust compact en concreet, met een spoelroute die in een vaste ronde te lopen is.
Wat te doen bij een overschrijding
Een uitslag boven de 100 kve/l vraagt om actie. Handel dan in deze volgorde:
- Beperk de blootstelling: sluit risicovolle tappunten af of plaats filters
- Achterhaal de oorzaak in plaats van meteen te desinfecteren
- Voer de passende maatregel uit: spoelen, temperatuurcorrectie of desinfectie
- Bemonster opnieuw om aan te tonen dat het resultaat is behaald
- Werk de risicoanalyse en het beheersplan bij zodat het niet terugkomt
- Meld bij de ILT wanneer de waarde boven 1000 kve/l uitkomt
Blind desinfecteren zonder de oorzaak aan te pakken levert vrijwel altijd een herhaling op, meestal binnen een half jaar. Dat kost uiteindelijk meer dan het in één keer goed oplossen.










